DE TEKENINGEN CATALOGUS F. KOENIGS 

 

BRUIKLEEN 1935

De catalogus van de tekeningen is gemaakt rond 1930. In de tijd dat de tekeningen nog in het woonhuis van de familie Koenigs, Florapark 8, in Haarlem werden gehouden. De collectie had in de loop der jaren een museale status gekregen. De directeur Dirk Hannema van Museum Boijmans, organiseerde in 1933 een tekeningen tentoonstelling uit zijn ‘rijke’ collectie. In de zomer van 1934 om Rotterdam te promoten vroeg Hannema opnieuw of hij tekeningen nu de 15de, 16de, en 17de  eeuw Nederlandse tekeningen kon lenen. De tentoonstelling werd 27 juni 1934 geopend door de burgemeester. Vervolgens wilde Hannema, voor de kersttentoonstelling van december 1934 - januari 1935 honderd oude Franse tekeningen uit de verzameling F. Koenigs tentoon stellen. Het was de laatste tentoonstelling in het oude Schielandhuis, het museum verhuisde naar de nieuwbouw aan de Mathenesserlaan. De Collectie Koenigs bleek een enorme prestigieuze aanvulling op de Collectie van het Boijmans, en zorgde voor grote internationale belangstelling. Hannema die ‘short’ liep op het budget voor het nieuw te bouwen museum, drong er bij Franz Koenigs op aan om zijn collectie Oude Meester Schilderijen en Oude Meester Tekeningen voor het nieuwe Boijmans in bruikleen te geven. Op 2 april 1935, kondigde Hannema het grootse gebaar van dit bruikleen bij B&W aan. Het bruikleen was voor tenminste 10 jaar aangegaan, en Hannema verplichtte zich gedurende die tijd, alle tekeningen te laten zien. Bij de opening op 6 juli 1935 was het langdurig bruikleen voor tenminste 10 jaar een feit. Het bruikleen bestond uit: 

 

De Collectie Oude Meester Schilderijen (46 schilderijen)

De Collectie Oude Meester Tekeningen (2140 tekeningen).

 

Het bruikleen was voor het eerst te zien op 6 juli 1935 bij de opening van de nieuwbouw van het Museum Boijmans aan de Mathenesserlaan, in het centrum van Rotterdam. 

 

 

REGISTRATIE BRUIKLEEN

Het bruikleen werd door de verzamelaar volledig geregistreerd afgegeven. De tekeningen waren allen door Franz Koenigs gewaarmerkt met zijn verzamelaarsmerk (zie Lugt 1023a). De tekeningen opgenomen in een losbladige catalogus zijn per school beschreven en bestaan uit 2140 tekeningen. 

Voor de 46 schilderijen uit de verzameling Koenigs werd door het museum een aparte catalogus uitgegeven. Museum Boijmans verzekerde het bruikleen voor 4.5 miljoen gulden.

 

 

DE CATALOGUS VAN DE TEKENINGEN

Het gaat om één catalogus die destijds is getypt met twee doorslagen1, waarvan een eerste en een tweede doorslag bekend is, de eerste versie is op de website Koenigs.nl onder de kop ‘catalogus tekeningen’ opgenomen. De tweede kopie is na de oorlog door de RKD aan de SNK gegeven om de tekeningen die door Van Beuningen aan Hitler verkocht werden te recupereren. 

 

DOORSLAG 1 de werkkopie van Anna Koenigs en Helmut Lütjens

 

Het bestaan en de vindplaats van de originele catalogus is tot nu toe onbekend.

 

WERK KOPIE
Doorslag 1 is de eerste doorslag van de tekeningen catalogus. Deze kopie werd met het bruikleen in 1935 door Franz Koenigs afgegeven aan museum Boijmans. Deze doorslag werd door Helmut Lütjens
2 en Anna Koenigs-Gravin von Kalckreuth, echtgenote van Franz Koenigs als werkkopie gebruikt, voordat deze tegelijk met het bruikleen aan het museum Boijmans werd afgegeven. Lütjens had nadat de catalogus getypt was, met de pen een aantal doorhalingen en notities bij verschillende tekeningen aangebracht bv. in het geval van her- attributie. 

 

 

VOORBLAD VAN DE WERK-KOPIE

Lütjens schrijft het voorblad van de catalogus en somt de verschillende scholen op en de hoeveelheid tekeningen die elke school heeft en bevestigd onderaan de pagina wat onder de exacte samenstelling van de verzameling tekeningen van de Collectie F. Koenigs verstaan dient te worden als volgt:
 

Mit Ausnahme der wenigen oben sowie im Katalog angegebenen Zeichnungen, die in Haarlem verblieben sind, und mit Ausnahme der jeweils für beschränkte Zeit auf Ausstellungen befindlichen Zeichnungen, über die besondere Listen geführt werden, befindet sich die gesamte Zeichnungssammlung im Boymans Museum in Rotterdam.
Amsterdam, 15. Juni 1935, H. Lütjens

 

KAARTENBAK

Om de collectie werkzaam te houden en de kortstondige bruiklenen te kunnen registreren hadden Lütjens en Anna Koenigs een kaartenbak aangelegd. De 2140 tekeningen werden per kaart in de kaartenbak opgenomen. De tekst op de geregistreerde kaarten is gelijk aan de tekst van de tekeningen in de catalogus. Ook de kaartenbak, die voor de collectie vanwege de werkzaamheid nodig was werd in juni 1935 aan het museum overgedragen.

 

Nadat de bruikleenovereenkomst in april 1935 was afgesloten, was het aan Anna Koenigs om de collectie voor de fysieke overdracht gereed te maken. Een aantal tekeningen voornamelijk van François Boucher waren ingelijst en hingen in het trappenhuis op het Florapark en moesten uit de lijst gehaald worden. Een aantal tekeningen bleven in Haarlem en een aantal tekeningen waren in bruikleen gegeven aan het Rijksmuseum in Amsterdam.

 

In de catalogus noteert Anna Koenigs bij een aantal tekeningen in haar handschrift in potlood ‘bleibt in Haarlem'. Zie vervolgens:

F. II. 16-19 tekeningen uit de Skizzenbücher van Toulouse Lautrec blijven in Haarlem en

F. II. 75-81         ,,     ,,                   ,,    ,,                           ,,    ,,

F. II. 197 de twee Advocaten van Honoré Daumier. 

F. II. 28, 29, 34 staat genoteerd ‘Leihgabe Reichsmuseum’, deze tekeningen waren aan het Rijksmuseum in Amsterdam in bruikleen gegeven. 

 

Nadat de eerste doorslag van de catalogus in juni 1935 aan het Boijmans was gegeven, hebben de opvolgende conservatoren in hun respectievelijk handschrift notities bij diverse tekeningen gemaakt. Vooral de school van de Rembrandt tekeningen staat vol met aanwijzingen.

De eerste doorslag wordt sinds 15 juni 1935 in museum Boijmans van Beuningen bewaard. 20 mei 2014 is een digitale kopie van deze catalogus aan de erven Koenigs ter beschikking gesteld. Op de site koenigs.nl staat deze catalogus vermeld onder ‘collectie’, ‘catalogus’, ‘tekeningen Doorslag 1’

http://www.koenigs.nl/franz/de_collectie/tekeningen_1935_85_129.html

 

  

 

AAN DE VERZAMELING TOEGEVOEGD 

28 October 1935 werd door museum Boijmans voor Franz Koenigs nog de navolgende tekeningen en boeken via Nicolaas Beets in ontvangst genomen. Dit bruikleen wordt door museum Boijmans als volgt genoteerd.

 

VERZAMELING F. KOENIGS - BRUIKLEEN MUSEUM BOIJMANS
[Klik hier voor het originele document]

 

1. LUCAS VAN LEYDEN: Het huwelijk van Josef en Maria (rond).
2. Richting van FR. COSSA: Mercurius.
3. BRUNSWIJKER MONGRAMMIST?: Studie van een vrouw met een geplooide kap.
4. CORNELISZ ANTHONISZ: Bouwlieden aan het werk.
5. LUCAS CORNELISZ of CORNELIS CORNELISZ toegeschreven: Christus voor Annas of Cajaphas.
6. TOBIAS STIMMER toegeschreven: Allegorie: Maria en het Kind tegenover Eva en de slang.
7. Onbekende ITALIAAN: Bewegingsstudie van een naakte man.
8. Rembrandt, naar Titiaan: Hogepriester.
9. HENDRIK AVERKAMP: Portretten van een man en
10. een vrouw.
11. WATTEAU: naar een figuur in Frans Hals’ Rommelpotspeler.

 

Boeken:

Twee boeken FRA BARTOLOMEO Tekeningen

Een vroeg Italiaansch schetsboek

Zestien PIRKHEIMER Boeken

 

De toevoeging aan het bruikleen wordt door Museum Boijmans bevestigd.  

Dit is van belang omdat deze toevoeging van latere datum is als het contract afsloten tussen Franz Koenigs 1 juni 1935 en de bank Lisser & Rosenkranz een overeenkomst tekende, waarbij een gewaarmerkte lijst van kunstvoorwerpen als zekerheid voor een kredietovereenkomst diende die Franz Koenigs met Lisser & Rosenkranz afgesloten had. 


 

DE FIDUCIAIRE OVERDRACHT

De gewaarmerkte lijst werd op 1 juni 1935 door beide partijen getekend, uit niets blijkt dat in een later stadium kunstwerken aan de gewaarmerkte lijst zijn toegevoegd. N. Beets heeft 28 oktober 1935 een aantal (11) tekeningen in bruikleen voor Koenigs aan het Boijmans afgegeven, omdat de toevoeging plaats vindt nadat het onderpand is afgesloten kan dit toegevoegde bruikleen geen onderdeel zijn van de fiduciaire overdracht.

 

De toevoeging van Beets aan de verzameling F. Koenigs is in een aantal gevallen door opvolgende conservatoren van museum Boijmans in hun respectievelijk handschrift later op de eerste doorslag bijgeschreven:

 

In een ander handschrift dan dat van Lütjens zijn op het laatste blad van de Italiaanse tekeningen de volgende boeken toegevoegd 

I no. 562 Gozzoli-Skizzenbuch - en

I no. 563 (M) Fra Bartolomeo 
               Skizzenbuch I
              
(N) Skizzenbuch II Seite 147

Behalve dat het handschrift niet van Lütjens is, is ook de aard van toevoeging Lütjens niet eigen. Hij zou altijd de aard van de boeken, de herkomst, de grote van de tekeningen en het aantal tekeningen per boek beschreven hebben. Het enkele feit dat deze uitermate belangrijke boeken niet op het voorblad door Lütjens zijn vermeld, kenmerkt een latere toevoeging.

Ten aanzien van de Rembrandt tekening die als no. 8 door N. Beets is afgegeven, wordt deze als buiten de catalogus op de laatste pagina met de hand als no. 136 ingeschreven:

Buiten catalogus. Staande priester, met linker hand staf vast houdend.
(R. 136) Pen bruin gewassen, 215 X 140 mm.

Ten aanzien van tekening no. 5. ‘LUCAS CORNELISZ of CORNELIS CORNELISZ toegeschreven: Christus voor Annas of Cajaphas’, blijkt dat deze in handschrift is bijgeschreven bij de Duitse school tot 1800 D I 282, 16. Jahrh. als Christus von Cajaphas.

Hoewel de opvolgende conservatoren veelal na de dood van Franz Koenigs, op eigen initiatief enkele van de later toegevoegde werken in de eerste doorslag met de hand bijschrijven, is dat geen bewijs dat deze ook werkelijk tot de Collectie F. Koenigs behoorden.

 

 

BRUIKLEEN FRANZ KOENIGS DUURT VOORT

Dat betekent dat het bruikleen van Franz Koenigs bestaande uit het Italiaanse vroege schetsboek van 33 tekeningen dat tegenwoordig aan Benozzo Gozzoli wordt toegeschreven, de boeken van Fra Bartolomeo, (M) en (N) bestaande uit 500 + tekeningen, en de 16 Pirckheimer boeken en de 11 tekeningen onverminderd voortduurt.

 

 

HET INVENTARISBOEK VAN DE STICHTING VAN MUSEUM BOIJMANS

December 1940, na de verkoop van Van Beuningen aan Hitler, laat directeur Hannema de Collectie F. Koenigs als geschenk van D.G. van Beuningen in het inventarisboek van de Stichting inschrijven voor het bedrag van 5.850.000,- gulden.

 

Niet opgenomen in het inventarisboek zijn de twee Fra Bartolomeo boeken. Niet opgenomen is het vroeg Italiaanse boek. Niet opgenomen zijn de 11 tekeningen. De 16 Pirckheimer boeken zijn gereduceerd tot 8 boeken van A. Dürer met miniaturen, en staan genoteerd als behorende tot de Collectie F. Koenigs en zijn gewaardeerd voor fl. 80.000,-

 

DUITSLAND, 16 e eeuw.
DOORSLAG 1)

Een laatste opmerking betreft het begin van de eerste doorslag van de catalogus:

Als eerste .pdf staat apart aangegeven ‘Duitse tekeningen 16e eeuw’.

 

Echter 3 december 1940 zijn beiden Duitse scholen, D. I. en D. II. in geheel door D.G. Van Beuningen aan Hitler verkocht. Het is onduidelijk aan welke catalogus wordt gerefereerd. De nummering komt niet overeen met de nummering van de catalogus van Koenigs; niet met ‘Altdeutsche Zeichnungen aus der Sammlung Franz Koenigs3; niet met nummering in de ‘Missing Old Master Drawings from the Franz Koenigs Collection, claimed by the State of The Netherlands 19894 en is niet opgenomen in ‘German Master Drawings from the Koenigscollection, Return of a Lost Treasure5’ dat laat de vraag open aan welke catalogus wordt gerefereerd.

 

Vervolgens worden de hier opgesomde tekeningen voor het merendeel aangeduid met het inventaris nummer van Museum Boijmans MB (Museum Boijmans). 

De tekeningen zijn echter uit de Collectie F. Koenigs echter de catalogi nummers komen niet overeen met de bekende Koenigs catalogi. 

 

De tekeningen hier opgesomd zijn afkomstig uit de Collectie F. Koenigs: 


Cat. no:
19. A. Altdorfer - Gevecht tussen en ridder en een landsknecht , M.B. 248
20. J. de Breu de J. Omg. - Marcus Curtius, I 250
36. M. Grünewald - Maria met Kind, M.B. 1958/T 29

 

De Grünewald in de Catalogus Koenigs opgenomen als D. I. 42. de tekeningen was door Franz Koenigs samen met de grote vrouwenkop van Dürer (D. I. 161) uitgeleend aan de New York World Fair van 1939. Door de oorlog zijn de beiden tekeningen in New York gebleven. De beiden tekeningen werden ondanks fysieke afwezigheid door Van Beuningen aan Hitler verkocht. Voor de beiden Duitse tekeningen werden de Hollandse tekeningen als (ersatz) vervanging meegegeven voor de twee Duitse tekeningen. Volgens afspraak zouden na de oorlog de Duitse - met de Hollandse tekeningen uitgeruild worden. De oorlog liep anders, dan werd gedacht. Tegen de tijd dat de twee tekeningen uit Amerika in 1947 terugkwamen waren de aan Hitler verkochten tekeningen van Franz Koenigs afgevoerd door de Sovjet-Unie richting de Sovjet unie. Van Beuningen gaf de 'Dürer Kopf einer Frau D. I. 161' aan het Boijmans. De 'Madonna auf der Sonnenkugel schwebend D. I. 42' behield Van Beuningen zelf. Na zijn dood hebben zijn erven in 1958 deze tekening verkocht aan de Gemeente Rotterdam.

 

 

 

 

 

 

 

 

---

1. Voor het typen werd een vel papier neergelegd, tussen het eerste vel en het tweede vel werd een vel carbonpapier gelegd, vervolgens weer een vel papier en een tweede vel carbon papier en als laatste weer een vel papier. Carbonpapier geeft aan een kant af. Dit pak aan papier en carbon werd in de typemachine gedraaid. Door de toetsen van de typemachine aan te slaan, slaat de letter op het papier en geeft het carbonpapier een afdruk op het volgende vel papier. Zodoende ontstonden tegelijkertijd drie kopieën.

2. Op verzoek van Paul Cassirer, die in 1923 zijn beste klant van Berlijn naar Amsterdam zag verhuizen, opende Helmut Lütjens in 1924, een dependance van de firma Paul Cassirer aan de Keizersgracht 109 te Amsterdam, 5 huizen verwijderd van de bank van F. Koenigs, de Rhodius Koenigs Handels Mij. aan de Keizersgracht 119-121. Helmut Lütjens assisteerde Anna Koenigs echtgenote van Franz, met de verzorging van de Collectie F. Koenigs.

3. Kupferstich-Kabinett der Staatlichen Kunstsammlungen Dresden, General Direktor Werner Schmidt, uitgegeven door  Staatliche Kunstsammlungen Dresden ©1987 00300

4. Geschreven door A.J. Elen, uitgegeven door de SDU Uitgeverij/Rijksdienst Beeldende Kunst (voorloper van de ICN (Instituut Collectie Nederland)) 1989

5. Geschreven door A.J. Elen, uitgegeven NAi publishers/Ministerie OCW 2004

 

 

 

 
 
 
 
Dit artikel is ook beschikbaar in PDF-format: [Dutch, PDF] 
This article is also available in PDF-file: [English, PDF]